woensdag 28 september 2011

voordeurbel

ochtendnevel
van dorp naar dorp
hanengekraai
 
 
de bromvlieg
op de achterruit
 
 
onweer in de verte
zijn grote broer
lijkt kleiner

 
de voordeurbel
onze woordenwisseling
even vergeten
 
 
een bliksemflits
de paukenist mist een slag

 
herfstblad ritselt
langs de oever
een visser kijkt om



BB (oneven) / MH (even)
uit de bundel 'Bouwe Brouwer, Marleen Hulst - haiku/rengay' (2010)

zondag 25 september 2011

donderdag 22 september 2011

autumn wind (1)



[de haiku verscheen eerder op Sketchbook in de sep/okt 2010 kukai]

maandag 19 september 2011

monday morning


Eight thirty a.m. The city awakes. People on bicycles and on foot pass me on their way to work. Hasty shoes echo in the narrow street.
Here and there shops are already open. Owners put their advertisement-board outside and add today’s special offer with freshly white chalk. A pink haired lady stands on a stepladder and washes the windows of an antique shop, waving enthusiastically when greeted by a passer-by.


Monday morning -
the hum of vacuum cleaners
before opening time

 

During these few hours before travelling home again I am having a final taste of the old city centre friendly atmosphere. A picture of a bill board; the silence between the walls of the public garden; the renovated façades; the festive window displays. To be sure I miss nothing I study my city map once more.
Halfway through the morning I choose a seat on the heated terrace of a restaurant. A most friendly waiter welcomes me and disappears again quickly with my order for coffee and apple pie. I am suddenly aware that I haven’t thought about you since last evening.




[Contemporary Haibun Online, volume 4 #4 - dec08]

vrijdag 16 september 2011

woensdag 14 september 2011

falling leaves

 
falling leaves
the scent of wet dog
in the hallway


[Shiki Monthly Kukai - sep10, 1e plek]


vallend blad
de geur van natte hond
in de hal

maandag 12 september 2011

wild garden



wilde tuin
de oude dame bestudeert
haar plantengids



[de haiku is gepubliceerd in Blithe Spirit]

zaterdag 10 september 2011

Pompeii

guided tour
children gather
around a stray dog

For what was once a bakery, grinding stones and a brick oven are recognizable. In Lupanare, the largest of about 25 brothels in Pompeii ("lupa" is Latin for 'prostitute'), we walk through rooms with plain brick beds. We see houses and public baths, admire frescoes and floor mosaics. 
We stand silently before showcases with the casts of bodies that have remained from that time; a man with bent legs, a clearly pregnant woman on hands and knees.
A half hour before closing time, most tourist groups are gone. It is quiet and peaceful in Pompeii. In the distance the Vesuvius is drawn against a bright late afternoon sky. How will I be able to realize that everything here -houses, streets, squares, people and animals-, was buried under a thick layer of ash and pumice for centuries?

coins
the bottom
of a fountain


[in 2010 verschenen op Haibun Today]

donderdag 8 september 2011

maandag 5 september 2011

oude meesters (1)

In de rubriek ‘oude meesters’ wordt eens per maand een haiku van één van de Japanse haikumeesters onder de (mijn) loep genomen. Wat vind ik ervan, wat haal ik eruit, wat doet het met me? Reacties zijn van harte welkom!
Deze eerste keer een vertaling van een haiku van Buson, die ik tegenkwam in het boek ‘Haiku, een jonge maan’ van J. van Tooren (uitgeverij Meulenhoff – ISBN 90 290 2764 9):


Een vleug van koelte,
als de tempelbelklanken
de bel verlaten.


Yosa Buson (1716-1783) beschrijft hier twee vluchtige, niet tastbare zaken die op hetzelfde moment plaatsvinden. Op het eerste oog hele triviale dingen: een kortstondige koele bries en het geluid van een bel in een tempel. Voor velen zouden ze voorbij gaan en vergeten worden.
De haiku roept echter een soort weemoed op, en in de laatste regel wordt duidelijk waarom. Hier wordt m.i. dan meteen ook de kern van de haiku geraakt: verlaten, dus afscheid nemen, weggaan, verandering.  
Elk afscheid van iets of iemand, of het nu gedwongen of vrijwillig is, brengt een zekere verandering met zich mee en is daarmee ook weer het begin van iets nieuws. Verandering betekent in veel gevallen vooruitgang, en ik weet uit eigen ervaring dat het openstaan voor veranderingen –ondanks de vaak innerlijke strijd in het begin (een vleug van koelte?)- uiteindelijk veel voldoening geeft.

De grootste charme van deze haiku bestaat voor mij wel uit de combinatie van woorden, en de soepelheid van de klanken bij het hardop lezen.  Probeer het maar eens. Wie hoort in gedachten niet de tempelbel (klankschaal?) en voelt niet even een koelte? Buson heeft hiermee een wonderbaarlijke haiku neergezet.

Verrassend is de compleet andere vertaling die in het boek ‘Buson, de maan in bezit’  (een bloemlezing uit het werk van Buson door Uitgeverij Kairos  - ISBN 90 70338 20 3) staat:


Koelte –
van de klok maakt zich vrij
de stem van de klok.



In tegenstelling tot de vertaling van J. van Tooren, die toch wel gebaseerd moet zijn op hetzelfde origineel uit het Japans, is doet deze versie haast zakelijk aan. Niet dat de ene vertaling beter of slechter is dan de andere, de haiku blijft even prachtig. Toch gaat mijn voorkeur zonder twijfel uit naar de tempelbelklanken, dat mag duidelijk zijn. Maar over smaak valt niet te twisten. 

zaterdag 3 september 2011

summer storm



zomerstorm
een vleugje
herfst



[Daily Haiga - 3 sep 11. De haiku is eerder verschenen in Blithe Spirit - Volume 20#3 - sep 10]

vrijdag 2 september 2011

rorbuer

Overnachten in de haven in één van de rorbuer: karakteristieke donkerrood geschilderde houten huisjes waarin vroeger de vissers verbleven tijdens de wintermaanden. Nu zijn ze geliefd bij toeristen die de bijzondere sfeer van de Lofoten komen opzoeken.
Aangrenzend zorgt een rimpelloos wateroppervlak voor een volmaakte spiegeling van kleurige boeien en meerpalen. Ik open het zware hangslot van nummer dertien en stap behoedzaam over de hoge drempel. Een smalle donkere hal leidt naar een tweede deur en een sober ingerichte woonkamer.
Een rorbu bestond oorspronkelijk uit een houten optrek met een kamer van vier bij vier meter, een klein portiek, een open haard en aarden vloer.
Hier rondkijken is een minutenlang gretig verkennen. Met een robuuste en steile houten ladder bereik ik de bovenverdieping, waar een laag plafond dwingt tot gebukt lopen. Dan weer naar beneden, waar het hout kraakt in de warme zon die via het water de kamer doet baden in licht.

  

een streep zonlicht
onder het rolgordijn door
middernacht